Verzekering bij kanker biedt rust
Nicole over het nut van een verzekering bij kanker

Verzekering bij kanker biedt rust

Dat kanker veel kosten met zich mee brengt die niet onder de ziektekostenverzekering vallen, heeft ook Nicole Schellekens moeten ervaren. Met een Carpe Diem verzekering ben je verzekerd van een financiële buffer als er kanker bij je wordt geconstateerd. Dat dat geen overbodige luxe is, bewijst haar verhaal.

Juni 2018: slecht nieuws

Vier dagen geleden ben ik bij de huisarts geweest voor een verdikking in mijn borst. Geen knikker, geen deuk of uiterlijke verandering, gewoon een verdikking die aanvoelde als een opgezette klier. Voor mij zit Manon, mammacare verpleegkundige. Ze kijkt me aan met een serieus gezicht. Slecht nieuws. Manon zit voor Eric en mij en vertelt ons de uitslag van het biopt. Kwaadaardige tumor. Operatie, chemo, bestraling, reken op een jaar behandeling.

Ik zie tranen in de ogen van Eric. Emoties op zijn gezicht. Vlug blader ik in mijn schriftje. Ik heb dit gesprek goed voorbereid. Eén bladzijde met vragen wanneer we goed nieuws zouden krijgen. Eén bladzijde met vragen bij slecht nieuws. De bladzijde die ik gemaakt had met de gedachte dat het niet nodig zou zijn, maar hé, je weet maar nooit. Bijna zakelijk en efficiënt vuur ik mijn vragen op Manon af. Hoe heet deze vorm? Is het goed behandelbaar? Hoe gaan we het aanpakken? Wanneer kan ik beginnen?

Manon legt alles rustig en duidelijk uit. Ze begrijpt me. Ze begrijpt dat ik dit schriftje en deze vragen nodig heb als houvast omdat ik anders in duizend stukken uiteenval. Dat gebeurt uiteindelijk toch wanneer ik de vraag stel: “Hoe vertellen we het de jongens?” Mijn keel wordt dik en de tranen branden in mijn ogen. Hoe ga ik het in godsnaam aan de jongens vertellen? Hoe vertel je je kinderen dat hun leven de komende tijd op z’n kop komt te staan? En hoe vertel ik het mijn vader, zus, vrienden? Hoe krijg ik die woorden uit mijn mond? En met die vragen komt ook het besef: ik heb borstkanker.

Op je knieën naar de hel en weer terug

Het gaat redelijk met me. In het jaar dat volgde op de uitslag ben ik op mijn knieën naar de hel gekropen en weer terug. Maar helemaal terug, zoals ik me had voorgenomen ben ik nog lang niet. De chemo heeft nare restverschijnselen achter gelaten. Mijn hersens werken nog niet goed en mijn lijf doet nog niet wat het moet doen. Terwijl ik er voor de buitenwereld weer goed uit zie (met of zonder haar maakt behoorlijk verschil) ben ik van binnen nog lang niet de oude. Vooral de zorgeloosheid van het bestaan is verdwenen. Behalve de voortdurende angst om mijn gezondheid zijn er ook andere zorgen gaan spelen die ik nooit had verwacht: zoals de wet Poortwachter. Na een jaar verwacht men dat je weer aan de slag bent, anders gaat men uitzien naar een andere functie of baan. Ik werk nog maar 4 uurtjes per week op therapeutische basis, meer lukt niet. Hoewel ik een superfijne baas heb, kan hij niet anders dan op zoek gaan naar een andere werknemer. Want ik kost hem geld. Veel geld. Logisch. 

Een verzekering is niet overbodig

Maar voor mij voelt het als de zoveelste dreun die ik afgelopen jaar heb gekregen. Om het maar heel dramatisch te zeggen: overleef je zo’n ziekte, blijkt er nog een heel traject aan vast te zitten waar je helemaal niets aan kunt doen. Want terwijl ik keihard knok om terug te komen is mijn salaris sinds juni nog maar 70%. En dat is lastig, vooral omdat de bodem van ons spaarpotje in zicht begint te komen. Ziek zijn is namelijk duur. Lang niet alle medicijnen, zalfjes bij allergische reacties en bestralingen of hulpmiddelen zoals een haarwerk worden door de verplichte verzekering volledig vergoed. En dan hebben we het nog niet eens over alle reis- en parkeerkosten. Of het onbetaald verlof dat Eric heeft opgenomen om mij naar chemo’s, bestralingen of afspraken te rijden. En dat zijn er nogal wat. Om een idee te geven: van 1 juni 2018 tot en met 10 oktober 2019 (dat zijn toevallig precies 500 dagen) ben ik 156 keer in het ziekenhuis geweest. Bijvoorbeeld voor ruim 60 gesprekken met artsen of verpleegkundigen, voor meer dan 20 scans, echo’s, MRI’s, voor talloze keren bloedprikken, wondverzorging, voor chemo’s en bestralingen. 156 keer. Dat is zo’n twee keer per week.

Mijn oude leven terug

Nu rij ik twee keer per week naar mijn werk. Doe ik ontzettend mijn best en werk hard aan mezelf om weer volledig te kunnen werken. Omdat ik mijn oude leven weer terug wil. Maar ook omdat we die zorgen over geld en minder inkomen niet meer willen. Zodat ik daar in ieder geval niet meer wakker over lig. Een verzekering had rust geboden. 

Geef een reactie